In deze chipfabriek in Maleisië probeert Nexperia het lek in China te dichten

De entree van het Tuanku Jaafar Industrial Park ziet eruit als een hectische filmset, die wordt omgebouwd voor een nieuwe scène. Tussen een wirwar van mensen met witte bouwhelmen en fluorescerende hesjes rijden heftrucks en vrachtwagentjes grote houten kratten heen en weer. De inhoud: nieuwe chipmachines, bestemd voor Nexperia.
In de Maleisische stad Seremban probeert de chipmaker de gaten te dichten die ontstonden na de dramatische breuk met de Chinese eigenaar Wingtech. Nexperia maakt per jaar meer dan 100 miljard standaardchips. Je vindt zulke kleine, simpele onderdelen terug op elk printplaatje – in moderne auto’s zitten honderden van zulke halfgeleiders.
Nexperia, voortgekomen uit Philips en NXP, was een onopvallende chipmaker totdat Vincent Karremans, toenmalig minister van Economische Zaken, het bedrijf eind september 2025 met een noodwet plotseling onder strenge controle stelde. Kort daarop, begin oktober, schorste de Ondernemingskamer topman Zhang Xuezheng (Wing) nadat drie medebestuurders hem hadden beschuldigd van mismanagement. Hij zou de organisatie in Europa willen ontmantelen, om zijn kwakkelende Chinese activiteiten te redden. Als reactie op de maatregel van Karremans blokkeerde China de export van Nexperiachips. Sindsdien strijden de Europese tak en eigenaar Wingtech in het openbaar om de zeggenschap.
De Nexperiafabrieken die de chips maken, staan in het Verenigd Koninkrijk en in Duitsland. Dat is de frontendproductie. In China, Maleisië en op de Filippijnen worden deze chips vervolgens verpakt in een plastic omhulsel en getest (backend). Deze wereldomspannende productieketen viel uiteen toen de vestiging in de Chinese stad Dongguan zich in oktober onafhankelijk verklaarde van het Europese hoofdkantoor. In één klap verloor Nexperia bijna 70 procent van zijn backendcapaciteit. Bij de grootste klanten, de autofabrikanten, ontstond een acuut chiptekort.
Massasollicitaties
De fabriek in Maleisië moet deze leemte opvullen door de productie zo snel mogelijk te verdubbelen. De expansiedrift in Seremban begint al aan de poort. Op een donderdagmiddag eind juni staat een groepje sollicitanten te wachten in een doordringende asfaltgeur – de weg rondom het bedrijventerrein wordt net vernieuwd. Vandaag komen 49 mensen langs om een contract te tekenen en hun training te beginnen. De fabriek waar nu 3.300 mensen werken, heeft 1.000 medewerkers extra nodig.
„Massasollicitaties zijn praktisch, het is efficiënter om groepen tegelijk op te leiden”, vertelt Harith Abdullah, directeur van Nexperia Maleisië. Zijn werkkamer grenst aan een zaal met honderden cubicles, vierkante minikantoortjes waar de medewerkers net met hun hoofd bovenuit steken. „In september herken je het hier niet meer”, belooft Abdullah. „De medewerkers gaan naar mobiele kantoren, verderop op het terrein, en deze verdieping verandert in één grote cleanroom.” In die stofvrije ruimte wil Nexperia miljoenen chips per dag gaan produceren.
Seremban verdubbelt in een paar maanden de productiecapaciteit. „In mijn 27 dienstjaren is dit de allersnelste ramp-up die ik ooit heb gezien”, zegt kwaliteitsmanager Chitra Dhayanandhan. Ze werkte al bij Nexperia toen de chipdivisie nog bij Philips hoorde. Zo’n explosieve expansie is „stressvol”, erkent Dhayanandhan, maar volgens haar niet zo erg als de stress van vorig jaar. Toen moest de Maleisische fabriek ingrijpend bezuinigen; topman Wing wilde in Seremban namelijk net zo goedkoop kunnen produceren als in China. De Nexperiamedewerkers vreesden voor hun baan, want een eerder geplande uitbreiding kwam niet van de grond.
/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/07/21102556/210726ECO_2035353441_NexperiaMaleisieDragend.jpg)
Een kraan plaatst een loopbrug tussen het oude fabriekspand van Nexperia in Seremban en de nieuwbouw.
Foto Nexperia
Er stond al een nieuw pand naast de fabriek in Seremban, klaar voor gebruik, maar de chipmachines bleven weg. Na de schorsing van Wing is de schroom verdwenen: een nieuwe loopbrug verbindt beide panden en het machinepark is uitgebreid. „We hebben duizenden nieuwe machines gekocht”, vertelt operationeel manager Ooi Thiam Seng – T.S. voor collega’s – tijdens een tour langs gloednieuwe cleanrooms. Eind dit jaar, uiterlijk begin 2027, kan Seremban jaarlijks tussen de 70 en 90 miljard chips verwerken, ongeveer evenveel als de productie van Nexperia in China. Maar concurrerende chipmakers breiden intussen ook uit om marktaandeel te verwerven, weet T.S. „Ze willen profiteren van Nexperia’s situatie.”
Robots en AI
Op twee minuten afstand van Nexperia zit de fabriek van concurrent OnSemi, en ook bedrijven als Texas Instruments en Intel zijn hier al decennia gevestigd en groeien snel. Maleisië is een populaire plek voor de halfgeleidersector. Geopolitiek probeert het land neutraal te blijven; China noch Amerika voert hier de boventoon. Vandaar dat ook de toeleveranciersketen van ASML zich in Maleisië nestelt, om goedkoper te kunnen produceren dan in Nederland.
Het Internationaal Monetair Fonds rekent erop dat de Maleisische economie dit jaar met 4,7 procent groeit, dankzij de vraag naar AI-chips en apparatuur voor datacenters, zoals servers en elektrische voedingen. Voor zulke onderdelen zijn ook het soort chips nodig dat Nexperia produceert. De AI-datacenters zijn nog maar het topje van de ijsberg, denkt Harith Abdullah. De opkomst van ‘fysieke’ AI, zoals industriële robots en humanoids, creëert volgens hem een compleet nieuwe afzetmarkt. „Zulke robots zitten bomvol sensoren, motoren en elektronica, en ze hebben heel veel van onze standaardchips nodig.”
Klein wonder
De uitbreiding van de fabriek in Seremban kost Nexperia ruim 300 miljoen euro. Deze investering wordt onder meer bekostigd met een krediet van 60 miljoen euro van de Nederlands staatsinvesteerder Invest International. De rest wordt gefinancierd met aanvullende leningen en Nexperia’s eigen middelen.
Dat dit kan, is volgens Ruben Lichtenberg een klein wonder. Lichtenberg is directeur juridische zaken van Nexperia en een van de drie bestuursleden die vorig jaar naar de Ondernemingskamer stapten om Wing te beschuldigen van wanbestuur. In het Nexperiahoofdkantoor in Nijmegen geeft hij toelichting op de toekomstplannen.
„We maakten ons in oktober vorig jaar zorgen over hoe dit zou gaan. We hielden er rekening mee dat we vanaf maart, april verlies zouden gaan lijden. Maar dat is niet gebeurd. Omdat de markt goed is, en ook omdat klanten begrip hebben voor onze situatie.”
In het eerste kwartaal haalde de Europese tak van Nexperia van 300 miljoen euro omzet. Het tweede kwartaal vertoont „significante groei” en voor de rest van het jaar lijkt de stijgende lijn door te zetten. Maar de uiteindelijke omzet is nog altijd veel minder dan de 2 miljard van voor de breuk met de Chinese collega’s.
Lichtenberg: „We proberen de productieketen te herstellen, maar eerlijk gezegd hebben nog altijd moeite om aan alle klanten te leveren.” Nexperia levert zelf geen wafers – schijven met chips – aan de fabriek in Dongguan. Als tussenoplossing kopen sommige automakers de wafers rechtstreeks in bij de Nexperiafabriek in Hamburg. Ze brengen de schijven zelf naar de Chinese tak in Dongguan, die er losse chips van maakt. Zo voorkomen de automaker dat onderdelen veranderen en opnieuw gecertificeerd moeten worden; een tijdrovend en duur proces.
Groeiplannen
Nexperia’s klanten zullen hun risico’s willen spreiden over meerdere chipmakers. Tegelijkertijd moet Nexperia zijn productieketen verbreden. „Diversificatie is een wereldwijde trend”, zegt Lichtenberg. „Deze crisis heeft ons geleerd dat we erg afhankelijk waren van één regio. Dat proberen we nu op te vangen.”
De uitbreiding in Maleisië heeft daarom prioriteit, maar ook andere Nexperia-fabrieken vernieuwen: Hamburg is bezig met een moderniseringsslag en in Manchester en de Filippijnen wordt de productie van vermogenschips opgeschaald. Daarnaast kondigde Nexperia een samenwerking aan met de Amerikaanse chipfabrikant Polar.
Op Nexperia’s hoofdkantoor worden weer groeiplannen gesmeed. „We willen de komende vijf, zes jaar ruim een miljard euro in onderzoek en ontwikkeling steken”, aldus Lichtenberg. Maar de strijd om de greep op het bedrijf is nog lang niet gestreden. De Ondernemingskamer stelde de Nederlander Guido Dierick aan als tijdelijk bestuurder, in afwachting van de uitslag van het onderzoek naar mogelijk mismanagement van Wing. Maar Wingtech is nog altijd economisch eigenaar van het Europese bedrijf, hoewel het de juridische zeggenschap verloor.
Wingtech dreigt eind dit jaar echter zijn notering op de beurs van Shanghai te verliezen omdat de accountant onvoldoende informatie heeft om de jaarrekening af te ronden. De koers bevindt zich op een dieptepunt en financieel gezien is de situatie lastig: Wingtech leed vorig jaar 8,7 miljard yuan verlies (ongeveer een miljard euro). Over de eerste helft van het lopende jaar zal het verlies naar verwachting nog 400 tot 600 miljoen yuan bedragen. Maar de Chinese Nexperiatak denkt wel eind dit jaar een zelfstandige productieketen te hebben opgebouwd, los van het Europese hoofdkantoor. Via een Chinese rechter probeert Wingtech toegang tot de Nexperiapatenten te krijgen. Zo ontstaan twee Nexperia’s: één voor China en één voor de rest van de wereld.
Ondertussen klaagt het Chinese moederbedrijf de Europese dochteronderneming aan, inclusief de drie bestuurders die naar de Ondernemingskamer stapten. Wingtech eist een schadevergoeding van omgerekend 1 miljard euro. Lichtenberg wil geen commentaar geven op de juridische procedures. „Ondanks de animositeit willen we graag on speaking terms komen. We staan vanaf het begin open voor iedere dialoog”, zegt hij.
Een oplossing
De geschorste topman Zhang Xuezheng laat zich tot nu toe niet aan de onderhandelingstafel dwingen, en het is niet bekend waar hij zich bevindt. De Chinese overheid hoopt wel dat Wingtech gaat onderhandelen. De diplomatieke onmin tussen Nederland en China die ontstond door de Nexperiacrisis, lijkt opgelost na de Nederlandse handelsmissie naar China deze maand, onder leiding van minister Sjoerd Sjoerdsma (Buitenlandse Handel, D66). De Nederlandse noodwet en de Chinese exportbeperkingen voor Nexperia waren al eerder opgeschort – het zijn interne perikelen die een oplossing nog in de weg staan.
In een NRC-interview vertelde Sjoerdsma dat Nexperia een „enorme hobbel” was die China graag achter zich wil laten: „Samen proberen we de twee partijen in het bedrijf ertoe te bewegen een oplossing te zoeken.” Afgelopen week bevestigde een woordvoerder van het Chinese handelsministerie Sjoerdsma’s conclusie.
Hoe die oplossing eruit moet zien, is onduidelijk. Een splitsing ligt voor de hand, wellicht een tweede beursnotering en financiële compensatie voor Wingtech. Daarvoor moet wel eerst gepraat worden. Mocht het tot een deal komen, dan hoopt Lichtenberg dat de Chinese chipfabriek weer onderdeel kan worden van hetzelfde concern. „Op dit moment leveren we aan Chinese automakers vanuit Maleisië. Maar we zouden de fabriek in China graag weer inpassen in ons productieproces. Dat voorstel ligt nog steeds op tafel.”
Zou zo’n hereniging geen productieoverschot opleveren? Lichtenberg denkt dat dit meevalt. „De marktontwikkelingen gaan zo snel … We richten ons nu eerst op de auto-industrie, maar onze producten zijn net zo onmisbaar voor AI en de energietransitie. Er is blijkbaar een crisis voor nodig om duidelijk te maken hoe belangrijk deze standaardchips zijn.”


