‘Mijn keel gaat bij bepaald eten op slot’
:format(jpeg):background_color(fff)/https%3A%2F%2Fwww.metronieuws.nl%2Fwp-content%2Fuploads%2F2026%2F10%2FMarieke-ARFID-rotated-e1790845887597.jpg)
Marieke Groothuis.
Eigen foto
Voor Marieke Groothuis (35) is ‘iets niet lusten’ een understatement. Bij bepaald voedsel gaat haar keel letterlijk op slot. Ze herkent zich in ARFID, een eetstoornis waarbij mensen voedsel sterk vermijden of beperken, bijvoorbeeld vanwege geur, smaak of structuur.
ARFID staat voor Avoidant Restrictive Food Intake Disorder, een eetstoornis waarbij je voedsel met een bepaalde structuur, kleur, geur of smaak vermijdt. Het kan ontstaan door bijvoorbeeld een nare ervaring met eten, maar het kan ook – zoals bij Marieke het geval is – ontstaan in de kindertijd. Zonder aanwijsbare reden. „Het begon bij mij al op het moment dat ik, als baby, mijn eerste hapjes met stukjes erin kreeg. Die wilde ik niet doorslikken.”
Als kind zijn er dan ook maar een paar dingen die Marieke kan eten. „Ik at heel veel snoep; daar was ik echt verslaafd aan. Al het geld dat ik kon krijgen, gaf ik eraan uit. Als ontbijt at ik suikerpap: brinta met een grote schep suiker. De lunch bestond uit wit brood met chocopasta of hagelslag en voor het avondeten kregen mijn ouders bij mij enkel patat, frikadellen, pannenkoeken of kip naar binnen. Maar laatstgenoemde enkel op de manier waarop mijn moeder het klaarmaakte.”
Waarom Marieke door ARFID bepaald eten niet kan verdragen
Het gaat bij ARFID dan ook vaak om de textuur van het voedsel. „Als andere mensen kip klaarmaakten, was het vaak net te droog, of er zaten bepaalde kruiden op. Het was altijd precies niet goed. Voor mij is eten dan ook heel lang een noodzakelijk kwaad geweest. Ik wist wel dat ik bepaalde voedingsstoffen binnen moest krijgen, maar daar had ik een beetje schijt aan.”
Marieke beseft zich op latere leeftijd dan ook hoe lastig dit moet zijn geweest voor haar ouders. „Ze hebben alles geprobeerd. Ze hebben me straf gegeven als ik iets niet opat, of me juist beloond als ik wel iets at. Ze hebben mij ook meer bij het eten proberen te betrekken en mij net zo lang aan tafel laten zitten tot ik wel at. Niets hielp: dan zat ik gewoon aan tafel tot bedtijd. Dat moet hopeloos zijn geweest. Maar een naam was hier toen nog niet voor, begrip ook niet. Er werd slechts gezegd dat je het maar moest forceren, als je kind niet wilde eten.”
Bij stress gaat zelfs Mariekes ‘safe food’ soms niet meer naar binnen
Gekookte groente, überhaupt gekookt voedsel, sauzen, korreltjes, vloeibaar voedsel met stukjes of gekruid eten: het zijn structuren die Marieke überhaupt niet kan verdragen. „Mijn smaak is gevoelig, ik proef alle details.” Het gevoel dat Marieke krijgt wanneer ze non-safe voedsel – voeding die ze niet kan verdragen – eet, omschrijft ze als het volgende: „Je kunt tegen jezelf zeggen dat je je hand op de kookplaat wilt leggen, maar hoe hard je het ook zegt, fysiek lukt het je niet. Dat doet te veel pijn. Ik kan de voeding in mijn mond stoppen, maar als ik het wil doorslikken, gaat mijn keel op slot.”
Ze vervolgt: „Van die brok in mijn keel moet ik vervolgens letterlijk kokhalzen, en van dat gevoel krijg ik het weer benauwd. Inmiddels ben ik hieraan gewend en kan ik mij er een soort van op voorbereiden, maar als kind kreeg ik hier regelmatig een paniekaanval van.” Als Marieke gestrest is, wordt haar ARFID erger. „Ook dingen die normaal gesproken mijn ‘safe-food’ zijn, kan ik dan niet meer doorslikken.”
Zo leerde Marieke steeds meer soorten eten verdragen
Wanneer ze op haar 18e op zichzelf gaat wonen en een vriend krijgt, ontdekt ze langzamerhand meer voedselgroepen. „Als ik zag dat hij iets heel erg lekker vond, wilde ik daar ook van genieten. Ik ben manieren gaan bedenken om mezelf zover te krijgen meer te kunnen eten. Zo bedenk ik varianten op ingrediënten die ik al ken. Feta vind ik lekker, een witte kaas. Mozzarella is ook een witte kaas, dus dan probeer ik dat een keer. En zo breidt het zich steeds verder uit.
Soms probeer ik iets en is het gelijk goed. Dan eet ik een paar weken lang bijna niks anders. Soms is het niet helemaal goed, maar kan ik het wel verdragen. Pompoen bijvoorbeeld, daar kan ik een paar hapjes van eten. Dan plots weer maanden niet, om het vervolgens opnieuw te proberen.”
Een pizza zonder tomatensaus levert Marieke soms ‘gekke blikken’ op
Uit eten gaan is geen probleem, aangezien je in een restaurant makkelijk om een aanpassing kunt vragen. „Al krijg ik soms wel gekke blikken wanneer ik vraag om een kapsalon zonder groente en saus. ‘Huh, wil je dan alleen shoarma en patat?’ Ook een pizza zonder tomatensaus levert me vaak oordelende blikken op. In mijn tas zit altijd een maaltijdshake, voor het geval er niks voor mij op het menu staat.”
Ook eten bij familie of vrienden is geen probleem. Zij kennen Mariekes eetstoornis en hebben hier dan ook alle begrip voor. „Ga ik ergens eten, dan laten ze van tevoren weten wat ze gaan koken. Als ik dan vraag of ze de saus apart kunnen bereiden, of een ingrediënt kunnen vervangen, hebben ze hier geen problemen mee. Maar iemand moet niet bovenop mij zitten wanneer ik iets nieuws probeer. Als mensen om mij heen vragen: ‘En, en, en? Vind je het lekker?’, ga ik direct op slot.”
Marieke kreeg nooit officieel de diagnose ARFID
Een diagnose heeft Marieke officieel nooit gekregen. Wel heeft ze meegedaan aan een slikonderzoek, waar helaas niks uitkwam. „Ook heb ik psychologische hulp gezocht, maar daar werd ik in een praatgroep voor overeten geplaatst. Daar zat ik duidelijk niet op mijn plek. Als kind had ik ook helemaal geen gezondheidsproblemen, ondanks dat ik geen groente en maar weinig fruit at. Dat veranderde na de puberteit.”
Het grootste gedeelte van haar safe-foods is ongezond, waardoor Marieke problemen krijgt met overgewicht. Bovendien heeft ze sinds kort de diagnose lipoedeem, wat afvallen moeilijker maakt. „Er zijn nu tien maaltijden die ik kan verdragen, waarvan er vier gezond zijn. Ik probeer de gezonde maaltijden vaker te eten, maar ik krijg van mijn diëtist ook hulp bij het vinden van gezondere varianten op de producten die ik wel lust. Zo eet ik vaak witte bolletjes, maar kies ik nu voor de variant waarbij er extra vezels aan zijn toegevoegd.”
Met vooroordelen heeft Marieke gelukkig nooit te maken, een uitzondering voor mensen met ARFID, weet ze, als ze de verhalen van lotgenoten mag geloven. „Er is te weinig hulp te vinden voor volwassenen met deze eetstoornis. De hulp die er is, is vooral gericht op kinderen. Mensen vinden het soms zielig voor me en proberen mij te pushen om toch iets te proeven. Maar daar wordt het echt alleen maar erger van. Ze begrijpen gewoon niet dat ik mijn maaltijdshake met chocoladesmaak verkies boven een pasta tomatensaus.”
Dit zijn de best gelezen artikelen van dit moment:
:format(jpeg):background_color(fff)/https%3A%2F%2Fwww.metronieuws.nl%2Fwp-content%2Fuploads%2F2026%2F10%2FMarieke-ARFID-rotated-e1790845887597.jpg)


