Actrice Romy Vreden: ‘We hebben elkaar nodig. Nee, maar serieus. Voor alles.’

Actrice Romy Vreden (30) klinkt wat geïrriteerd aan de telefoon. ‘Ja, sorry, ik ben in de tuin een pijp aan het openen.’ In het huis waar ze verblijft, raakte een hoofdleiding verstopt, vertelt ze, waardoor er vanochtend plotseling een stroom rioolwater via de douchegoot haar badkamer binnenstroomde. Om negen uur ‘s ochtends had ze met blote voeten in de kruk van haar bovenburen gestaan, en nu staat ze in de tuin bij die pijp. Alles stinkt. Ze heeft geen schone handdoeken meer. En ze is al te laat voor de repetitie. “Dit is niet de leukste manier om de dag te beginnen.”
Een dag later ontmoeten we elkaar in het Amsterdamse Theater Frascati. Daar repeteert Vreden samen met regisseur Erasmus Mackenna en haar acht medespelers voor de voorstelling Anatomie van een zelfmoordde eerste Nederlandse uitvoering van de veelgeprezen toneeltekst van Alice Birch uit 2017. De eerste drie woorden van het stuk worden uitgesproken door Vreden: “Het spijt me.” Vreden staat met haar voeten in een tapijt van podiumrook op de podiumvloer, koud blauw verlicht. Een onbepaalde glimlach. Tegenover haar staat acteur Bauke van Boheemen, die haar man speelt. Uit het gesprek dat volgt blijkt dat het personage van Vreden zojuist een mislukte zelfmoordpoging heeft gedaan. Vreden speelt het aangrijpend onbewogen. Een succesvolle poging volgt later in het stuk.
“Ja, het is zeker een zwaar stuk.” Terwijl Mackenna de lichten aansteekt, zit Vreden op de tribune. ‘Je volgt drie generaties vrouwen,’ zegt ze, ‘die alle drie in meer of mindere mate psychisch lijden.’ Zelf speelt ze Carol, de eerste generatie, een jonge vrouw in de jaren zeventig. De andere twee verhaallijnen gaan over Carol’s dochter en kleindochter en spelen zich respectievelijk af in de jaren negentig en het heden. Birch doorsnijdt in haar stuk de drie verhaallijnen, als in een muziekpartituur, waardoor een bijzondere weerklank ontstaat tussen de moeders en hun dochters. “Het thema is intergenerationeel trauma”, zegt Vreden. “Birch laat prachtig zien hoe psychologische kwetsbaarheid van generatie op generatie kan worden doorgegeven.”
Bureau Jeugdzorg
Geestelijke gezondheid is een thema dat Vreden nauw aan het hart ligt. Voordat ze naar de Amsterdamse Theaterschool ging, volgde ze de opleiding tot pedagogisch medewerker jeugdzorg. “Dat is het werk dat mijn moeder deed en nog steeds doet. Eerst werkte ze in een weeshuis, later bij Bureau Jeugdzorg. Toen ik klein was, nam ze me mee op huisbezoeken bij de gezinnen die ze begeleidde. Ik speelde met de kinderen, rolschaatste buiten enzovoort, terwijl mijn moeder met hun ouders of verzorgers praatte.” Vredens ogen stralen als ze vertelt over de band van haar moeder met jongeren. “Ze neemt ze serieus, dat vind ik het allerbelangrijkste. Je voelt je gezien door haar. Ze probeert altijd te begrijpen wat er in de hoofden van andere mensen omgaat, zelfs bij moeilijk gedrag. Er is altijd een reden, zegt ze. Voor mij is ze het levende bewijs dat je dat werk kunt blijven doen zonder afgemat te raken.”
Het is duidelijk dat de zorg voor anderen iets was wat Vreden al op jonge leeftijd leerde. Tussen de scènes door, als Mackenna de techniek bekijkt en de acteurs moeten wachten, schuifelt Vreden naar haar medespelers, vraagt hoe het gaat, zingt een deel van een liedje, maakt een grapje. “Dat doe ik in deze productie wellicht meer dan normaal”, zegt ze. “Check of iedereen zich nog goed voelt. Omdat het onderwerp zo zwaar is. In de repetitieruimte dansten we vaak tussen de scènes door om de boel wakker te schudden.”
/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2025/01/14120353/data126592170-0788ac.jpg)
Hoewel we Vreden in Nederland nog maar net hebben leren kennen, is ze in Duitsland een gevestigde naam. Toen ze in 2019 afstudeerde aan de Amsterdamse Theaterschool, liep ze stage bij het Duitse Schauspielhaus Bochum, onder leiding van Johan Simons. De samenwerking beviel beiden zo goed dat ze na haar afstuderen naar de stad in het Ruhrgebied reisde om zich bij Simons’ ensemble aan te sluiten. Ze leerde in korte tijd accentloos Duits spreken en kreeg naast mooie rollen bij het ensemble een vaste rol in een Duitse tv-serie.
Ondanks haar liefde voor Bochum besloot Vreden vorig jaar haar contract bij het Schauspielhaus te beëindigen. “Ik wilde mijn horizon verbreden”, zegt ze. “Andere theaterstijlen leren kennen, andere mensen.” Ze nam een risico, maar haar agenda is onverwacht snel volgelopen sinds ze freelancer is geworden. In 2023 maakte ze als ‘Nieuwkomer’ bij Orkater samen met Simme Wouters en Sabine van Kuipers de doorgecomponeerde muziektheatervoorstelling Ruimte plaateen eigentijdse update van het record dat in 1977 de ruimte in werd gestuurd om buitenaardse wezens te informeren over het leven op aarde. “De B-kant van die plaat, om zo te zeggen.” Vorig seizoen maakte Vreden indruk met haar rol als Alyssia in de unaniem geprezen film Stapstenenook van Orkater, over de derde generatie Nederlanders met Surinaamse roots.
Lees ook
de recensie van ‘Stepping Stones’: Hoe vorige generaties de weg plaveiden voor twintigers met wortels in Suriname
En nu is ze daarvoor aan het repeteren Anatomie van een zelfmoord. Toen ze met een goede vriendin sprak over haar eigen relatie met suïcidaliteit vanwege die rol, verraste ze zichzelf door te zeggen: “Ik ben niet suïcidaal, maar als ik nu zou sterven, zou ik dat eigenlijk niet erg vinden.” Het inzicht lijkt haar opnieuw enigszins te verstoren. “Ik heb een leuke familie, ik heb mijn droombaan, ik heb hele lieve vrienden. Ik voel dat geluk nu al. En ik ben pas dertig.” Ze lacht en stopt weer met lachen. “Soms vraag ik me af: is er eigenlijk nog wel iets om voor te leven?”
Kinderwagen
‘Nog één keer scène 1,’ klinkt Mackenna door de speakers. De voorheen bewust lege speelvloer staat nu helemaal vol met rekwisieten. Een kinderwagen, appels, een ouderwetse telefoon, stoelen, kledingrekken, een platenspeler. Te midden van al dat gedoe staat Vreden als Carol, onbewogen glimlachend. ‘Het spijt me,’ zegt ze opnieuw. Het beeld ademt verdriet. Een ander personage noemt Carol een paar scènes later “een zwart gat van een persoon”. Toch beschouwt Vreden de toneelstuktekst van Birch als hoopgevend. “Het is anders dan het werk van bijvoorbeeld Sarah Kane. Hij had een zeer pessimistisch wereldbeeld. Birch schrijft genadiger. Het verhaal is droevig, maar het is geschreven vanuit een verlangen naar verbinding. Het voelt belangrijk om mijn personage met veel liefde te spelen.”
Laten we alsjeblieft een beetje op elkaar letten
Op de vraag of Vreden nog iets tegen de lezer wil zeggen, blijft hij even stil. Ze aarzelt. “Ja, ik ga het gewoon zeggen.” Een brede glimlach. “Wij hebben elkaar nodig. Nee, maar serieus. Voor alles. Dat zit in hele kleine en hele grote dingen. Soms moet je jezelf laten verzorgen. En je moet je ervan bewust zijn dat anderen je soms nodig hebben.”
Toen ze de dag ervoor verstrooid bij de repetitie aankwam, nadat ze in de tuin de pijp had opengedraaid, was Sabine, een van haar collega-acteurs, naar de winkel om de hoek gegaan om een macchia latte voor haar te halen. “Daar moest ik bijna van huilen. Ik had me zo slecht gevoeld, zo vies. Dan maakt zo’n gebaar in één klap alles goed. Misschien is dat toch waar Anatomie van een zelfmoord gaat over. We kunnen dit niet alleen, het leven. Iedereen heeft het wel eens moeilijk. Dan hebben we de ander nodig. Laten we dus alsjeblieft een beetje op elkaar letten.”
NRC presenteertDe rijzende sterren van 2025
/s3/static.nrc.nl/images/gn4/stripped/data122754728-8284dc.jpg)



