Economie

Miljarden van diaspora houden Libanon overeind, maar hulp kent risico’s

Een geldkantoor in Libanon

In Libanon zijn een miljoen vluchtelingen afhankelijk van hulp. De Libanese overheid is door crises zelf niet in staat om iedereen te helpen en hulporganisaties hebben te maken met bezuinigingen.

Veel Libanezen uit het buitenland schieten te hulp. Jaarlijks stuurt de diaspora miljarden naar hun thuisland. Zeker in tijden van oorlog is die geldstroom van levensbelang, maar vanwege sancties tegen Hezbollah en door corruptie is geld sturen niet zonder risico’s.

Stel dat het geld in foute handen komt of bij de verkeerde personen.

Mohammad Soubra, Libanees in Nederland

Volgens cijfers van de Wereldbank stroomde er in 2023 zo’n 6,2 miljard euro vanuit de diaspora naar Libanon. In 2024 daalde dat licht naar 5,3 miljard euro, maar de verwachting is dat dit bedrag rond de 5,5 miljard euro blijft hangen. In 2023 was zelfs ruim 30 procent van het bruto binnenlands product afkomstig van geld uit het buitenland.

In gesprekken met Nieuwsuur beschrijven burgers in Libanon hoe oorlog en economische crisis hen klemzetten. “Oorlog is uiteindelijk zwaar voor iedereen, maar voor ons voelt het vooral verstikkend”, zegt een visser. “We kunnen niet weg en niet vrij bewegen.” Geld om te vluchten ontbreekt. “We kunnen nergens heen.”

Voor veel gezinnen komt hulp van familieleden in het buitenland. Een zus in Canada, een zoon in Australië of een dochter in de Verenigde Staten stuurt geld om te overleven. “Ik ben zelf vluchteling hier”, vertelt een Libanees in het zuiden van het land. “Dit zijn mijn mensen en ik wilde ze helpen. Ik plaatste een oproep op Instagram. Daar hebben 65 mensen op gereageerd. Tot nu toe heb ik 2000 euro opgehaald.”

Hoogleraar economie Bassam Hamdar doet al jaren onderzoek naar geldstromen vanuit het buitenland naar Libanon. “Het banksysteem van Libanon is ingestort. Als Libanezen zijn we nu aangewezen op geldtransferbedrijven. Die schieten momenteel als paddenstoelen uit de grond in heel Libanon. Volgens de centrale bank zijn er in Libanon 3000 vestigingen.”

Minder dan 5 procent van de geldstromen gaat nog via banken. “De zaken gaan goed. We hebben veel meer werk nu door de oorlog en de vluchtelingen”, zegt een medewerker van een geldtransferkantoor.

Hoogleraar Hassam Bandar

Sinds de financiële crisis van 2019 in Libanon is de rol van deze geldstromen verder veranderd. Waar het geld eerder werd gebruikt voor investeringen of vastgoed, gaat het nu vooral naar basisbehoeften zoals voedsel, huur, zorg en onderwijs. In de praktijk fungeert de diaspora daarmee als een soort vervangende verzorgingsstaat.

Ook vanuit Nederland proberen Libanezen bij te dragen. Zo helpt Ali Hojeij niet alleen zijn eigen familie, maar ook anderen. Zijn ouders moesten hun huis in de buitenwijken van Beiroet verlaten. “Een huis huren kost zo’n 900 tot 1000 euro per maand. Dat kunnen ze niet betalen. Mijn ouders zijn dus afhankelijk van mijn hulp.”

Grijze lijst

Via WhatsAppgroepen probeert de diaspora meer mensen te mobiliseren. “We proberen mensen te stimuleren om te doneren en meer bij te dragen”, vertelt Hojeij. Maar hulp bieden is niet zonder risico. Verschillende Libanezen kregen in Nederland al belletjes van banken naar aanleiding van hun giften.

Libanon staat op de zogenoemde grijze lijst van de internationale toezichthouder FATF. Dat betekent dat het land een verhoogd risico kent op witwassen, terrorismefinanciering en corruptie. “Elke transactie naar Libanon wordt daarom extra gecontroleerd door banken”, legt Hojeij uit. Sancties, onder meer gericht tegen Hezbollah, maken het overmaken van geld extra ingewikkeld.

Daarom vinden veel Libanezen het moeilijk om hulp te sturen. “Stel dat het geld in foute handen komt of bij de verkeerde personen”, schetst Mohammad Soubra, Libanees in Nederland. “Dan heb je de consequenties daarvan. Dat wil ik niet. En ik denk dat veel mensen zoals ik het niet willen.”

Mohammad Soubra

Soubra stelt desondanks dat giften cruciaal zijn. “De Libanese regering heeft niet de middelen om mensen te helpen. Die donaties zijn essentieel.”

In Libanon zelf merken hulporganisaties die spanning dagelijks. Vrijwilligers delen voedsel, dekens en hygiëneproducten uit aan vluchtelingen. Tegelijk krijgen ze vragen van donateurs. “Horen jullie bij een politieke partij?” is een veelgehoorde vraag volgens Hojeij. “Nee, we zijn gewoon een groep mensen die de gemeenschap helpt.”

Related Articles

Back to top button